De woningnood in de regio Haaglanden blijft groot. Op dit moment zoeken ruim 225.000 mensen naar een sociale huurwoning. Toch dreigen duizenden nieuwe woningen niet gebouwd te worden. Woningcorporaties in de regio waarschuwen dat er onvoldoende geld is om alle bouwplannen uit te voeren. Van de afgesproken 25.000 nieuwe sociale huurwoningen is voor ongeveer 13.000 woningen nog geen financiering beschikbaar.
Volgens de corporaties zijn de kosten voor bouwen de afgelopen jaren flink gestegen. Niet alleen bouwmaterialen en grond zijn duurder geworden, ook de arbeidskosten lopen op. Hierdoor zijn de financiële tekorten opgelopen tot miljarden euro’s. Vooral in grote nieuwbouwgebieden, zoals de Binckhorst in Den Haag en de Entree in Zoetermeer, kunnen plannen daardoor vertraging oplopen of zelfs worden geschrapt.
Woningcorporaties, gemeenten en bouworganisaties roepen het kabinet op om in te grijpen. Zij willen meer financiële steun en pleiten onder meer voor het afschaffen van belastingen voor sociale verhuurders. Volgens hen kan dat geld direct worden gebruikt voor de bouw van nieuwe woningen. Zonder extra maatregelen dreigt de woningbouw af te remmen, terwijl de vraag naar betaalbare woningen juist blijft groeien.
De ambitie van het kabinet om jaarlijks 100.000 woningen te bouwen, blijft buiten bereik als de investeringskracht van de woningbouwketen niet wordt versterkt. Dat stelt de Woonalliantie in een oproep aan de Taskforce Versnelling Woningbouw. Woningen worden pas gebouwd als partijen ook daadwerkelijk kunnen investeren. Een gezond investeringsklimaat is geen randvoorwaarde, maar dé bepalende factor om mensen een thuis te bieden.
Een kamer van 350 euro per maand. Voor Hala (21), die als kind zonder haar ouders uit Syrië vluchtte en in een azc belandde, betekende het meer dan een dak. Het betekende rust. Ze woont inmiddels ruim drie jaar bij Lex en Lenie de Boer in Utrecht, die hun kamer bewust niet aan studenten verhuren maar aan jongeren zonder vangnet. Spijt hebben ze geen seconde gehad. Vertrekt Hala straks voor haar rechtenstudie, dan beginnen ze gewoon opnieuw.
Het initiatief Kamers met Aandacht koppelt particuliere verhuurders aan jongeren die dakloos zijn, uit een onveilige thuissituatie komen of de jeugdzorg verlaten. Wat in 2020 begon in twaalf gemeenten, draait nu in 115. Ruim 460 jongeren kregen een plek. Maar ruim 2200 meldden zich aan, en dat verschil groeit. Volgens oprichter Bianca van der Neut zijn de wachtlijsten slechts het zichtbare topje: het werkelijke aantal jongeren in nood ligt veel hoger. Anders dan bij een studentenkamer draait het hier om screening, matchgesprekken en professionele begeleiding — samen zo’n 8500 euro per jongere.
Daar wringt het. Gemeenten betalen mee, soms springt een fonds bij, maar lang niet iedere gemeente wil of kan. In Leeuwarden zijn wél kamers, alleen geen organisatie om jongeren te begeleiden. Van der Neut vraagt om landelijke financiering; Binnenlandse Zaken verwijst terug naar de gemeenten. De bestaande hospitasubsidie wordt met een jaar verlengd, maar die is bedoeld voor voorlichting en bekendheid — juist de begeleidingskosten vallen erbuiten. Zo blijven kamers leeg terwijl jongeren wachten.
De gemeente Den Haag wil de eerste verdieping van het pand aan de Statenlaan 46 in Scheveningen tijdelijk gebruiken voor de opvang van dak- en thuisloze gezinnen. Het gaat om maximaal dertig personen, voor een periode van maximaal vijf jaar. De eigenaar van het voormalige kantoorpand stelt de ruimte kosteloos beschikbaar.
De opvang is bedoeld voor zelfstandige gezinnen van vijf personen of meer die recent dakloos zijn geworden of nu tijdelijk in een hotel verblijven. Volgens de gemeente is extra opvang hard nodig door de groeiende woningnood. Op de locatie komt 24 uur per dag sociaal beheer, zodat er begeleiding is voor de gezinnen en een aanspreekpunt voor omwonenden.
Buurtbewoners kunnen nog meedenken over de plannen. Op 7 juli organiseert de gemeente een buurtgesprek in Het Couvéehuis. Ook zijn er spreekuren op 8 en 9 juli. Na de zomer neemt het college van burgemeester en wethouders een definitief besluit over de opvanglocatie.
Vanaf 1 april 2026 gelden nieuwe regels voor wonen in Den Haag. Het splitsen van woningen, kamerbewoning en hospitaverhuur worden makkelijker. Hierdoor komen er in de stad snel meer betaalbare woningen bij. Zo kunnen meer mensen passende woonruimte vinden.
Den Haag heeft te weinig woningen. Ook zijn de woningen voor veel inwoners te duur. Daarom past de gemeente de regels aan. Hierdoor kan er snel betaalbare woonruimte worden gemaakt.
Woning splitsen
Vanaf 1 april mogen in meer wijken Hagenaars met een eigen huis hun woning verdelen in 2 of meer zelfstandige woningen. Sinds 2019 mocht dit bijna nergens. Nu mag het weer bijvoorbeeld als de leefbaarheid in de wijk goed is.
Kamerbewoning
Kamerbewoning wordt makkelijker. Voor verhuur aan meer dan 2 personen is nog steeds een vergunning nodig. Maar dit mag nu in veel meer wijken. Het aantal kamers dat per wijk voor kamerbewoning verhuurd mag worden, gaat omhoog: van maximaal 5 naar maximaal 10 procent in een wijk.
Hospitaverhuur
Bij hospitaverhuur woont de verhuurder (hospita) zelf ook in de woning. Vanaf 1 april mag een hospita zonder vergunning woonruimte aan meer dan één persoon verhuren. Dit mag alleen als de huurders bij elkaar horen (een huishouden) of als het gaat om 2 eenpersoonshuishoudens. Hospita’s moeten dit wel melden bij de gemeente.
Voor iedereen een passende woning
Veel mensen wonen niet in de juiste woning. Twintigers blijven bijvoorbeeld thuis wonen omdat ze geen eigen woonruimte kunnen vinden. Dakloze mensen zitten te lang in de noodopvang. Ouderen kunnen geen seniorenwoning vinden. Met deze nieuwe regels komt er snel extra woonruimte bij. Zo kunnen mensen verhuizen naar een passende woning.
Dakloze en onverzekerde mensen krijgen in Nederland nog te vaak niet de medische hulp die zij nodig hebben. Dat terwijl er een regeling bestaat waarmee noodzakelijke zorg gewoon vergoed kan worden.
Voor mensen met een zorgverzekering is de weg naar huisarts of ziekenhuis meestal duidelijk. Voor dakloze mensen is dat vaak een stuk ingewikkelder. Om een zorgverzekering af te sluiten, is inschrijving in de Basisregistratie Personen nodig. Dat kan met een briefadres, maar niet iedereen komt daarvoor in aanmerking of weet hoe dat werkt. Ook zijn er mensen die de premie niet kunnen betalen of ongedocumenteerd zijn.
Toch is er voor onverzekerde mensen wel degelijk een regeling. Zorgverleners kunnen de kosten van medisch noodzakelijke zorg declareren via het CAK. Die vergoeding geldt ook voor dakloze mensen zonder verzekering en dekt bijna alle zorg die normaal onder de basisverzekering valt.
In de praktijk gaat het daar nog vaak mis. Onbekendheid met de regeling, administratieve drempels en vooroordelen zorgen ervoor dat onverzekerde mensen soms alsnog worden weggestuurd of geen hulp krijgen.
Volgens de Inspectie Gezondheidszorg en Jeugd krijgen daardoor tienduizenden onverzekerden in Nederland niet altijd de zorg die zij nodig hebben. De inspectie vindt dat zorgorganisaties hun medewerkers beter moeten informeren en beter moeten samenwerken met gemeenten en hulporganisaties.
Elk levensverhaal is het waard om gehoord en gelezen te worden. Dat is het uitgangspunt van vrijwilligersorganisatie Walk of Life. Deze organisatie laat levensverhalen van ‘mensen zonder netwerk’ optekenen en bewaren in een databank.
Volgens initiatiefnemers Zwanine Siedenburg en Arre Zuurmond heeft ieder mens een verhaal dat verteld mag worden. Daarom zijn zij hard op zoek naar interviewers en schrijvers in Rotterdam, Den Haag en Leiden.
Het gaat om kwetsbare medemensen, zoals dak- en thuislozen, drugsverslaafden en mensen met (zware) psychische problemen. Hun levensverhalen worden verzameld in een database, zodat ze niet verloren gaan.
De verhalen kunnen bijvoorbeeld worden gebruikt bij een uitvaart. Daarnaast worden ze opgeslagen in verschillende stadsarchieven. Zo kunnen historici over honderd jaar nog lezen hoe kwetsbare mensen in onze steden leefden.
“Ik kon mijn hele leven kopen wat ik wou en nu heb ik niets meer en ben ik afhankelijk van het Leger des Heils. Van mijn uitkering houd ik € 80,- per week over. Ik kan niet eens wat lekkers bij mijn biertje kopen.”
Gelukkig kan Arthur ook zeggen dat hij voor zijn zoon een voorbeeld is als het gaat om doorzettingsvermogen. Tijdens zijn carrière als glazenwasser stortte hij drie keer volledig in, maar drie keer begon hij opnieuw. Ook was hij ruim een jaar verslaafd aan cocaïne, waar hij zelf van af wist te komen.
“Ik ben een knokker.” — Uit het sociaal testament van de 65-jarige Arthur uit Rotterdam
Op dit moment is Walk of Life, Levensverhalen al actief in de regio’s Amsterdam, Apeldoorn, Haarlem, Leiden, Den Haag, Rotterdam, Utrecht en Nijmegen/Arnhem.
Vooral in de regio’s Rotterdam, Den Haag en Leiden worden nieuwe interviewers en schrijvers gezocht. Het gaat om mensen met een open blik, die nieuwsgierig zijn en oprechte belangstelling hebben voor anderen.
Geïnteresseerden kunnen zich melden bij projectleider Zwanine Siedenburg via:contact@walkoflife.nu.
Op maandag 23 februari hebben Stichting Devjo, de gemeente Rijswijk en woningcorporatie Rijswijk Wonen een intentieovereenkomst getekend. Zij willen samen zorgen voor passende woonruimte voor dakloze mensen. Hun uitgangspunt is duidelijk: wonen is een basisrecht voor iedereen.
De samenwerking is al gestart. In de wijk Te Werve Oost in Rijswijk zijn twee woningen verhuurd aan deelnemers van Stichting Devjo. Deze mensen hadden dringend een huis nodig, maar vielen buiten de bestaande regelingen voor daklozen.
De nieuwe bewoners zetten zich ook in voor de buurt. Zij helpen mee aan een fijne en veilige leefomgeving. Zo is er sprake van wederzijdse inzet. De woningen zijn nu nog tijdelijk. Als het project goed verloopt, kunnen de bewoners een vaste woning krijgen.
Binnenkort komen er nog twee woningen beschikbaar in Rijswijk. Daarmee worden de eerste afspraken nagekomen. De drie partijen blijven met elkaar in gesprek om deze vorm van wonen ook in de toekomst mogelijk te maken.
De overheid vraagt Nederlanders om een noodpakket in huis te halen. Bijvoorbeeld met een noodradio, contant geld en basisproducten. Maar voor veel mensen in armoede is dat niet mogelijk. Zij hebben het geld simpelweg niet. Dankzij een donatie van bol kan het Armoedefonds nu 10.000 huishoudens helpen aan een noodpakket. Dat gebeurt via lokale hulporganisaties.
Uit onderzoek van het Armoedefonds blijkt dat bijna niemand in armoede goed is voorbereid op een noodsituatie. Slechts 1% van de hulporganisaties zegt dat mensen voldoende spullen in huis hebben. Veel producten uit een noodpakket, zoals eten en medicijnen, zijn nu al hard nodig. Andere spullen zijn te duur.
“Het komt allemaal neer op de vraag: hoe moet je je voorbereiden op een noodsituatie als je leven nu al aanvoelt als een noodsituatie?”, zegt Henk de Graaf, directeur van het Armoedefonds. Dankzij een donatie van bol kan het Armoedefonds 10.000 mensen in armoede helpen aan een noodpakket, via hulporganisaties dicht bij huis. Het Armoedefonds vindt de actie waardevol maar benadrukt dat grootschalige oplossingen nodig blijven. “Dit is een mooie stap maar we kunnen en moeten nog veel meer mensen bereiken. Dit moet uiteindelijk landelijk goed geregeld worden”, aldus De Graaf.
Op 4 februari sprak Peter Bos (Straatconsulaat) in bij de Haagse commissie Ruimte over de Nota Woningvoorraad. Positief over de plannen om de bestaande woningvoorraad beter te benutten, maar met drie duidelijke aandachtspunten: een concreet uitvoeringsplan, het verruimen van urgentie voor dakloze mensen en het aanpassen van de opkoopbescherming.